U bevindt zich op:Professionals Toezicht en inspectie  Inspectie kinderopvang

Inspectie kinderopvang

Als u een kinderopvang wilt starten, kunt u gebruikmaken van een stappenplan van de Rijksoverheid. Op de website van de Rijksoverheid kunt u de benodigde formulieren downloaden en uw aanvraag voor exploitatie melden bij de gemeente waar u de opvang wilt starten. Ook als u gaat uitbreiden of verhuizen moet u dit tijdig melden bij de gemeente. Voordat u mag starten met de exploitatie van uw kinderopvang onderzoekt de GGD of u voldoet aan de eisen van de Wet kinderopvang. Dit gebeurt met behulp van de procedure ‘Streng aan de Poort’ (kinderopvang). Ook voor het starten van een gastouderbureau wordt de procedure ‘Streng aan de Poort’ (GOB) gevolgd. Het is belangrijk dat u de juiste voorbereidingen treft en de benodigde documenten volledig en op tijd aanlevert.

Wat controleert de GGD precies?

Wat controleert de GGD precies?

De toezichthouder kinderopvang van de GGD beoordeelt een organisatie voor kinderopvang elk jaar opnieuw onder meer aan de hand van:

  • de inrichting en het gebruik van de ruimtes waar kinderen komen;
  • observaties: hoe wordt er met kinderen omgegaan;
  • gesprekken met de pedagogisch medewerkers over hun werkwijze;
  • een gesprek met de locatieverantwoordelijke over de werkwijze op het kindercentrum.

Ook controleert de toezichthouder of:

  • alle beroepskrachten bevoegd zijn en alle benodigde personen geregistreerd zijn in het personenregister kinderopvang en gekoppeld zijn aan de organisatie;
  • er voldoende deskundig personeel werkzaam is;
  • ouders goede informatie ontvangen.

De toezichthouder doet elk jaar één of meerdere onderzoeken. De vorm en omvang van de inspectie verschilt per type voorziening en situatie. Toezichthouders inspecteren daarom minder intensief bij locaties waar geen zorgen over bestaan en intensiever bij locaties waar wél zorgen over zijn. Kortom: minder waar mogelijk, meer waar nodig (PDF, 718 kB).

De toezichthouder kinderopvang toont bij een inspectiebezoek zijn of haar legitimatiebewijs van de GGD. Zo weet de gastouder of kinderopvangorganisatie dat het een toezichthouder van de GGD is.

 

Resultaat van de kwaliteitscontrole

De toezichthouder kinderopvang verwerkt de resultaten van de kwaliteitscontrole in een inspectierapport. De gemeente, de beoordeelde organisatie en de oudercommissie van de locatie, ontvangen een exemplaar van dit rapport. Ouders kunnen het rapport inzien via het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) of via de eigen website van de organisatie. Als de organisatie geen website heeft, moet het rapport op een zichtbare plek op de opvanglocatie liggen.

Als de kwaliteit beter moet

Voldoet de kinderopvang niet aan alle eisen, dan vermeldt de toezichthouder kinderopvang dat in het rapport. De gemeente maakt afspraken met de organisatie over verbeteringen. Tijdens een vervolgbezoek beoordeelt de toezichthouder of deze afspraken zijn nagekomen. Afhankelijk van de ernst van de tekortkomingen, kan de gemeente sancties opleggen. Als de veiligheid van de kinderen in het geding is, kan een toezichthouder zelf besluiten om de opvang direct te stoppen.
De toezichthouder doet dit op het moment dat de kwaliteit van de opvang bij deze voorziening zó tekortschiet dat onmiddellijke maatregelen nodig zijn.

Wie zijn onze toezichthouders?

Wie zijn onze toezichthouders?

  • Mevr. S. Boersma
  • Dhr. J. Brouwers
  • Mevr. N. Custers
  • Mevr. E. Gijsen
  • Mevr. K. Klinkers
  • Mevr. B. Meertens
  • Dhr. F. Naser
  • Mevr. A. Oude Alink
  • Mevr. I. Reijntjens
  • Mevr. A. Vonken

Wilt u contact met een toezichthouder?

Neemt u dan contact op met ons secretariaat

088 880 50 50

thz@ggdzl.nl

Veranderingen in de kinderopvang

Veranderingen in de kinderopvang

Sinds 1 januari 2018 gelden er nieuwe kwaliteitseisen. De Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang stelt hogere eisen aan de kwaliteit van kinderopvang. De kwaliteitseisen scheppen belangrijke voorwaarden om de veiligheid en ontwikkeling van kinderen te borgen. De nieuwe wet- en regelgeving schrijft niet meer overal voor hoe dat doel moet worden bereikt. De kinderopvangorganisatie bepaalt het hoe dan zelf. De houder heeft meer vrijheid het beleid in te richten naar eigen inzicht en overtuigt de toezichthouder van de kwaliteit van kinderopvang. De toezichthouder beoordeelt in welke mate dit in de praktijk voldoet.

Personenregister Kinderopvang (PRK)

Sinds 1 maart 2018 moet iedereen die werkt of woont op een plek waar kinderen worden opgevangen, zich inschrijven in het Personenregister Kinderopvang. Met het personenregister worden medewerkers continu gescreend op strafbare feiten die belemmerend of bezwaarlijk zijn bij het werken met kinderen. Als blijkt dat een persoon werkzaam in de kinderopvang een bedreiging vormt voor een veilige omgeving voor kinderen, gaat er via de GGD een signaal naar de werkgever of het gastouderbureau.

Harmonisatie

Sinds 1 januari 2018 zijn  peuterspeelzalen kinderdagverblijven geworden. Dit betekent dat peuterspeelzalen moeten voldoen aan de kwaliteitseisen die gelden voor kinderdagverblijven.

Aanvullende eisen VVE

Sinds 1 juli 2018 zijn de kwaliteitseisen voorschoolse educatie aangescherpt. De voorschoolse educatie en de randvoorwaarden moeten verankerd zijn in het pedagogisch beleidsplan. Verder moeten pedagogisch medewerkers op VVE-groepen een aanvullend certificaat voor Voorschoolse Educatie in het bezit hebben en er moet per locatie een specifiek opleidingsplan voor beroepskrachten zijn.

Wijzigingen per 01-01-2019

*Als tekortkomingen zijn geconstateerd, heeft de toezichthouder de mogelijkheid u een herstelaanbod te doen. Deze mogelijkheid
is gebaseerd op afspraken tussen de GGD en de gemeente waarbinnen u exploiteert. Het herstelaanbod is geen recht, maar een mogelijkheid die inzet op een snelle verbetering van de tekortkoming(en) ten gunste van de kwaliteit van de opvang. De afweging
hiervan ligt bij de toezichthouder. De toezichthouder bespreekt met u de verbetermaatregelen en legt de nodige afspraken vast.
Na verloop van de afgesproken periode wordt een nieuw oordeel gegeven over de overtreding(en). De procedure van het herstelaanbod
wordt in het inspectierapport vastgelegd.

Controle op andere kwaliteitsaspecten

Controle op andere kwaliteitsaspecten

Naast de GGD zijn er organisaties die andere kwaliteitsaspecten van kinderopvang controleren:

Waarom vraagt de GGD informatie van u op?

Waarom vraagt de GGD informatie van u op?

De gemeenten houden toezicht op de kinderopvang. Zij kunnen echter die taak ook neerleggen bij de directeur publieke gezondheid van de GGD. Dat hebben alle gemeenten uit Zuid-Limburg ook gedaan. De gemeenten hebben de directeur publieke gezondheid van de GGD aangewezen om namens de gemeenten, het toezicht uit te voeren op onder meer artikel 1.48d lid 2 en 3 en artikel 1.50 van de Wet Kinderopvang.

De gemeenten hebben de directeur publieke gezondheid (DPG) toegestaan om in zijn plaats één of meerdere medewerkers te machtigen om onder zijn verantwoordelijkheid op te treden als toezichthouder in het kader van de Wet kinderopvang. Dit zijn de toezichthouders.

Wat doet de DPG?

De directeur publieke gezondheid is een overheidsorgaan, ingesteld op grond van artikel 14 lid 3 Wet publieke gezondheid. De GGD toetst op basis van de Wet kinderopvang o.a.:

  • of personen zich inschrijven in het Personenregister Kinderopvang (PRK) (1.48d lid 2);
  • of de houder een koppeling voor alle medewerkers gemaakt  heeft in het PRK(1.48d lid 3).

Daarvoor heeft de GGD toegang tot het (PRK (art.11c Besluit LRK/PRK). De toezichthouder kan op basis van geboortenaam of BSN-nummer het PRK raadplegen. Daarnaast is sinds 1 juli in de Regeling Wet Kinderopvang opgenomen dat de administratie van de houder het BSN-nummer moet bevatten.

Alle informatie die beoordeeld moet worden door de toezichthouder moet tijdens het inspectiebezoek inzichtelijk zijn. Soms vragen we nog om aanlevering van gegevens binnen een aantal werkdagen. Dit kan per e-mail of persoonlijk bij onze GGD. Wij gaan zorgvuldig om met aangeleverde gegevens; de gegevens worden door ons na controle zorgvuldig verwijderd/vernietigd. Daarnaast mailen wij vertrouwelijke informatie altijd via een beveiligde omgeving (zorgmail). Er bestaan verschillende manieren om gegevens via een beveiligde omgeving naar ons te mailen. Informatie hierover kunt u vinden op internet.

En hoe zit dat met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)?

  • De toezichthouder heeft op basis hiervan het recht op inzage van zakelijke gegevens en bescheiden;
  • Degene aan wie het verzoek gericht is, heeft een medewerkingsplicht op grond waarvan diegene binnen een door de toezichthouder gestelde redelijke termijn inzage moet geven in de gevraagde stukken;
  • In artikel 10 van de Wet algemene bepalingen Burgerservicenummer is geregeld dat toezichthouders voor hun taak het BSN-nummer mogen gebruiken:“Overheidsorganen kunnen bij het verwerken van persoonsgegevens in het kader van de uitvoering van hun taak gebruik maken van het Burgerservicenummer, met inachtneming van hetgeen bij of krachtens dit hoofdstuk is bepaald.”

Bel voor meer informatie Contact